HOBBY'S

HOBBY'S VAN FAMILIELEDEN.


INHOUD.

1.  De Duivenmelker.
2.  De Imker.
3.  De Kleindierhouder.
4.  De Liefhebber van originele Oberkrainer muziek.
5.  Creatief bezig zijn.
6.  Sport en Beweging.
7.  De Texelaarfokker.

DE DUIVENMELKER.



Zoals je op de foto kunt zien is mijn hobby het houden van postduiven.
Toen vader Sjir senior overleed -hij was ruim 60 jaar duivenmelker - bleek na enige tijd dat ik eveneens met de duivenbacil was besmet en zo ben ik (Sjir junior) inmiddels al meer dan 20 jaar duivenmelker.
Deze hobby houdt in dat ik dagelijks zorg voor het schoonhouden van de hokken, het tweemaal daags voeren en zorgen voor schoon drinkwater voor zo'n honderd duiven. De duiven train ik door ze tweemaal per dag een uurtje te laten vliegen.
Ieder voorjaar vindt de kweek plaats, waarbij wordt getracht "toppers" te kweken. Het ultieme doel van iedere liefhebber is om een stam op te bouwen die elk jaar meerdere topduiven voortbrengt.
Waar het tenslotte allemaal om draait is het deelnemen aan wedvluchten. De duiven worden op afstanden tussen 100 en 1100 km (Barcelona) losgelaten en moeten dan zo snel mogelijk het thuishok proberen te bereiken.
Gezien de in mijn duivenleven gewonnen eerste prijzen, bekers en trofeeën in zowel de vereniging (PDV Limburgia) als in een samenspel van 15 verenigingen, mag ik in alle bescheidenheid zeggen dat ik best een succesvol duivenmelker ben.

Ben je ook duivenmelker of zoek je een interessante hobby, hou je van dieren, lijkt je de spanning bij thuiskomst van de duiven te gek of wil je iets anders weten over duiven of de hobby, neem dan gerust contact op met:

Een aantal eerste prijs winnaars:

top
de 352de clermont de sens't lorriske

DE IMKER.



top

DE KLEINDIERHOUDER.



Nadat André met de vut is gegaan en gelijktijdig is verhuisd, heeft hij de ruimte en de tijd om zich met zijn hobby's te gaan bezighouden.
Het houden van kleindieren is daar één van.
Inmiddels bestaat de levende have al uit kippen, konijnen, vogels en dwerggeitjes.

KIPPEN: Wyandotte krielen in de kleurslag gestreept.
KONIJN: Dwergkonijntjes met de rus-aftekening.
GEITJES: Sinds juli 2008 twee dwerggeitjes.

top

DE LIEFHEBBER VAN ORIGINELE OBERKRAINER MUZIEK.

Mijn naam is Ger Caubo. Ik ben geboren te Brunssum op 12 oktober 1963. Een van mijn grootste hobby's is het maken van originele Oberkrainer muziek.

Hoe is het allemaal gekomen ?

Mijn eerste noten speelde ik bij showband "Parcifal" te Brunssum waar ik klaroen speelde
( lekker makkelijk want die heeft maar 1 ventiel inplaats van 3 nu, hahahaha ).
Toen ik 11 jaar oud was verhuisde ik samen met mijn ouders naar Oirsbeek en werd lid van de plaatselijke harmonie.
Toen kwam alles in een stroomversnelling. Al snel was ik de interne opleiding van de harmonie ontgroeid en ging ik naar de muziekschool in Hoensbroek, kreeg privé-lessen en werd tevens lid van
"de Dorsvlegels".
Zo hobby’den we door tot ze ook van mij een man wilden maken en ik mijn militaire dienstplicht moest gaan vervullen. Gelukkig mocht ik lekker 14 maanden toeteren bij het "fanfarekorps van de koninklijke landmacht". Dat was super, alleen maar muziek maken!
Na mijn dienstplicht heb ik nog bij verschillende orkesten gespeeld zoals: "Die originale Schintaler", "Die Palemiger Spatzen"en "Die Mergerländer Buben met Anita". Toen kwam er een telefoontje van Theo Kicken met de vraag of ik er iets voor voelde om "Die Kaiserbuam" te komen versterken. Ik heb toen een paar repetities meegespeeld, een uitvoering meegedaan en was meteen razend enthousiast. Er was passie, inzet, het liep gewoon. Kortom, alle ingrediënten waren en zijn aanwezig om hier iets moois van te maken.

Die Kaiserbuam is een 6 mans-formatie (oeps 5 mannen en 1 vrouw) die als een van de weinige orkesten in Nederland nog de originele Oberkrainer muziek maken. De oorsprong van deze muziek ligt in "Begunje"een plaatsje in Slovenië. De rode draad door deze muziek vormt de accordeon. Deze wordt dan voortdurend afgewisseld door trompet en klarinet. Voeg daar nog bas, gitaar en zang bij en de Oberkrainer muziek leeft.

En hoe die leeft kun je zelf horen op deze mp3 van een wals die we spelen.

Naast muziek geniet ik samen met mijn vrouw Lilian en ons oogappeltje Rafke van alle geneugten van het leven en ik vind het heerlijk om na een dag hard werken op de motor te stappen en een uurtje heerlijk door ons Limburgse heuvelland te tuffen.



Op deze foto's is Ger te zien toen hij eind mei in het Oostenrijkse Bisschofshofen was voor het laten aanmeten van een handgemaakte "Lechner"trompet.
Martin Lechner heeft zich gespecialiseerd in het vervaardigen van koperinstrumenten voor de oberkrainermuziek. Hij heeft een eigen werkplaats aan huis waar hij zijn passie uitoefent. Het maken van zo'n trompet duurt tussen de 3 en 5 maanden. De trompet wordt, behoudens het ventielhuis, helemaal met de hand gemaakt.











top

CREATIEF BEZIG ZIJN.

Jos Caubo Schols uit Utah USA is graag creatief bezig.
Toen ze nog op school zat in Holland was ze al goed in tekenen. Jammer genoeg heeft ze nooit echt de tijd gehad om dit talent verder te ontwikkelen. Enkele jaren geleden is ze dan toch begonnen met schilderen, heeft een aantal lessen genomen en heeft er nog steeds veel plezier in.
Ze schildert met olieverf op canvasdoek.
Een aantal van haar schilderijen zijn hierboven te bewonderen.


Daarnaast is Jos al jaren bezig met "quilten". Dit handwerk, dat eruit bestaat dat kleine lapjes stof tot een patroon aan elkaar worden genaaid, is bijzonder populair in Amerika. Er bestaan prachtige quilts.
Jos is echt trots op de Amerikaanse vlag, die ze na de aanval op de Twin Towers op 11 september voor haar man Harry heeft gemaakt. Ofschoon ze de meeste quilts weggeeft, zal ze deze altijd zelf houden.


Of dit nog niet allemaal genoeg is, houdt Jos ook nog van borduren. Het "Hollandse klederdracht" borduurwerk dat hierboven is te zien heeft een afmeting van 25X150 cm.
top


SPORT EN BEWEGING.

Ik ben Andre Caubo, geboren in Nuth op 26 september 1946 en ben gehuwd met Hannie Sturmans, geboren in Schinveld op 20 juli 1948.
Wij zijn bijna gelijktijdig begonnen met recreatief sporten en bewegen. Medio de jaren zeventig is Hannie lid geworden van de gymnastiekvereniging en ik heb mij aangemeld bij de judovereniging in Schinveld.

JUDO.

Mijn interesse in de judosport is ontstaan in de jaren zestig. Judo is in opkomst maar wordt dan nog door velen gezien als een vechtsport waar je beter niet mee in aanraking kunt komen. Zo wordt er thuis ook over gedacht en ik kan het judo op dat moment wel vergeten. Het duurt tot 1974. Vlak voor mijn 28e verjaardag ben ik lid geworden van de Schinveldse Judovereniging en de Judo Bond Nederland.
De trainingen worden verzorgd door de plaatselijke, talentvolle judoka Theo Hoen.

Iets over Judo.
Judo is een zogenaamde contactsport die bestaat uit staande technieken (de worpen) en grond-technieken (de houdgrepen, armklemmen en verwurgingen). Omdat iedere judoworp wordt gevolgd door een val zijn er ook nog de valtechnieken. Deze moeten het risico van blessures zien te voorkomen of zo gering mogelijk maken.
Veelal ontwikkelt zich een voorkeur voor staande of voor grondtechnieken. In mijn geval zijn dat de grondtechnieken. In het grondgevecht is het de kunst om volledige controle over de partner te krijgen (houdgrepen) of deze tot overgave te dwingen (armklemmen of verwurgingen).
De judosport vormt zowel het lichaam als de geest.

Mijn persoonlijke situatie.
Het judo bevalt me uitstekend en met de ervaring van nu kan ik zeggen dat het beter is om er laat, dan nooit aan te beginnen.
In 1979 slaag ik voor de 1e Dan (zwarte band). Het examen bestaat uit competitie en techniek. In feite heb ik op grond van leeftijd vrijstelling voor het onderdeel competitie. De competitie houdt in dat je aan 20 wedstrijden moet deelnemen en het maximum van 100 wedstrijdpunten moet zien te scoren. Afhankelijk van de toegepaste techniek levert een winstpartij 3, 5 of 10 punten op. Wordt het maximum van honderd punten behaald, dan verdien je daarmee bepaalde vrijstellingen binnen het examenonderdeel techniek.
In 1983 slaag ik voor de 2e Dan. Het onderdeel competitie heb ik hierbij achterwege gelaten. Bij de examenonderdelen techniek is Theo mijn vaste judopartner en omgekeerd ben ik dat bij zijn examens.

Door de jaren heen ben ik regelmatig met hem bij andere verenigingen gaan trainen en ben zodoende in contact gekomen met de beste wedstrijdjudoka’s van Limburg.
diploma judoleider. Verder heb ik ook te maken gehad met de bestuurlijke kant van de vereniging en heb ik regelmatig als invaller de judotrainingen verzorgd.
In 1984 opent Theo in Brunssum een sportcentrum en start 3 jaar later met een eigen afdeling judo.
Ik volg bij de Judo Bond Nederland een opleiding tot judoleider, waarvoor ik in januari 1988 slaag. Zodoende krijg ik een lesbevoegdheid.
Niet veel later volgt (de voorbereiding op en) het examen van Theo voor de 4e Dan.
Bij een onderdeel van dit examen is het gebruik van wapens (zwaard en dolk) aan de orde. Mijn taak als partner is om de wapens te hanteren. Alle bewegingen/handelingen moeten volgens een bepaald ritueel worden uitgevoerd. De handelingen, zoals de slag met het zwaard en de steek met de dolk, moeten echt lijken en zijn dus op de persoon gericht. Dit vereist veel oefening. Dan volgt het examen in Nieuwegein. De examencommissie bestaat uit hoog gegradueerde judoka’s vanaf 6e Dan en hoger. Een van hen is (de inmiddels overleden) Gé Koning (9e dan), de nestor van het Nederlandse Judo en een begrip in de judowereld. Daar sta je dan stijf van de spanning en moet het gaan gebeuren. Gelukkig is alles naar wens verlopen.

beambtencasino Treebeek Het sportcentrum en de afdeling judo verhuist in 2001 naar een nieuwe lokatie, het vroegere "Beambtencasino" in Treebeek.
Door ruimtegebrek in Treebeek verhuist het judo in 2005 naar Schinveld, waar Theo "Het Kloester" (voormalig gemeenschapshuis) als Sportcentrum inricht.
Omdat "Het Kloester" niet rendabel is wordt medio 2009 aangekondigd dat deze locatie per 1 januari 2010 zal worden gesloten met als gevolg dat de judoactiviteiten worden beëindigd.
Ik heb de judolessen nog tot eind 2009 verzorgd. Omdat het voor mij persoonlijk niet meer interessant was om voor het judo een andere vereniging op te zoeken heb ik besloten om mijn activiteiten in de judosport na 35 jaar te beëindigen.
Ik kan terugkijken op een mooie leerzame tijd, waarin ik veel facetten van het judo heb mogen meemaken.


De afgebeelde documenten zijn:
- Mijn Judopaspoort waarin bijzonderheden zijn aangetekend.
- Doktersverklaringen van geen bezwaar voor deelname aan de judosport.
- Deelnamebewijzen en diploma’s betreffende de 1e en 2e Dan.





















































  


HARDLOPEN.

Naast het judo ben ik ook gaan hardlopen. In tegenstelling tot nu was hardlopen op straat in de jaren zeventig nog een opvallende bezigheid. In de beginfase heb ik samen met anderen gerend, doch na verloop van tijd ging mijn voorkeur uit naar "heerlijk in mijn eentje rennen".
Iedere zondagmorgen stond de Brunssummerheide op het programma. Een mooier gebied kan een hardloper zich niet wensen.finish Hannie

Zoals eerder vermeld opende Theo Hoen in 1984 een sportcentrum in Brunssum. Een van de eerste aktiviteiten was een cursus hardlopen met als doel, in 3 maanden tijd 5 kilometer hardlopen binnen 30 minuten. Onder de deelnemers was Hannie. Zij had al gauw de smaak te pakken en samen met enkele dames, is zij daarna nog jarenlang 2 tot 3 keer per week vanuit het sportcentrum gaan hardlopen.
Deelnemen aan wedstrijden had niet haar interesse. Desondanks heeft zij zich door diezelfde dames wel enkele keren laten overhalen om mee te doen. Haar eerste wedstrijd was de allereerste parelloop in Brunssum over een afstand van 10 km. In Etten-Leur heeft zij een keer de halve marathon gelopen en in Heerlen 2 keer deelgenomen aan de Telematicaloop over 10 km. Aan de laatste wedstrijd heeft zij een finishfoto overgehouden.

Een ongelukje met een huishoudladdertje verandert haar plezier in hardlopen, in pijn tijdens het hardlopen. Fysiotherapie in combinatie met het intapen van de gekwetste knie geeft wel enige verlichting, maar de klachten verdwijnen niet. Onderzoek wijst uit dat het kraakbeen in haar knie blijvend is beschadigd en na ongeveer 18 jaar hardlopen, moet zij er noodgedwongen mee stoppen.
Ik heb op dat moment ook een punt achter 28 jaar hardlopen gezet. Niet zozeer uit solidariteit, maar ook vanwege klachten aan een knie en om erger te voorkomen.

SPINNING (indoor cycling).


Het is dan 2002 en het toeval wil dat binnen het Sportcentrum een nieuwe bewegingsvorm wordt geïntroduceerd, "Spinning" genaamd.
Spinning is fietsen op het ritme van muziek, in groepsverband, onder leiding van een instructeur.
De Spinningfiets (zie afbeelding) is uitgerust met een vliegwiel dat in beweging wordt gebracht. Met een draaiknop kan lichte tot zware druk op dit vliegwiel worden uitgeoefend. Er wordt dus gefietst met lichte of met zware weerstand, met snelle of met trage/zware pedaalslag, in zittende of in staande houding.
Wij hebben ons meteen aangemeld en nu na 9 jaar zijn wij er nog steeds twee keer per week enthousiast (en zonder knieklachten) mee bezig.

FITNESS TRAINING.

Al sinds de opening in 1984 ben ik regelmatige bezoeker van het sportcentrum in Brunssum.
Trainen met gewichten bevalt me goed en vooral de eerste jaren heb ik dit, in combinatie met het judo, best wel intensief gedaan. Het hardlopen buiten heb ik ook afgewisseld met hardlopen op de loopband, met roeien, fietsen of touwtje springen.
Per 1 november 2007 ben ik met vervroegd pensioen gegaan. Ik heb nu mogelijkheid om ’s morgens te gaan sporten en dat bevalt uitstekend.

GYMNASTIEK.

Hannie is medio de jaren zeventig lid geworden van de gymnastiekvereniging in Schinveld en tot op heden gaat zij iedere dinsdagavond trouw naar de gymzaal. Naast de gebruikelijke gymnastische oefeningen wordt ook de nodige tijd aan volleybal besteed.

WANDELEN.

Iedere dinsdag- en donderdagmiddag gaat Hannie met haar zus door weer en wind wandelen. Zij doen dit al enkele decennia. Meestal een vast traject van ± 1½ uur. Als het aan haar ligt wil zij wel iedere middag gaan wandelen en nu ik toch thuis ben mag/moet ik meestal mee. Wij wandelen vrijwel altijd in de omgeving (Schinveldse Bossen en Brunssummer- of Tevenerheide).
Is het in de zomerperiode erg warm, dan wordt het wandelen ook wel eens afgewisseld met fietsen.

Al met al besteden wij veel van onze vrije tijd aan sport en beweging in recreatieve zin en beleven dit als het uitoefenen van een hobby. Ook de sociale contacten zijn hierbij een belangrijke rol gaan spelen.
Het belangrijkste aspect is echter de gezondheid. Wij hopen dat die ons niet in de steek laat en dat wij nog menig jaartje onze hobby kunnen uitoefenen.


DE TEXELAARFOKKER.





Juul Caubo die nu in Simmerath in de Duitse Eiffel woont, heeft zijn "oude" hobby het fokken van Texelaren weer opgepakt.
In het recente verleden heeft hij, samen met zijn inmiddels overleden vader Piet Caubo, grote successen behaald.

Alles hierover is te lezen en te zien op zijn
website.






Versie:29042013.

Terug naar
startpagina

Jurre